
GRONINGEN – Nederlandse kranten gaven in de zeventiende en achttiende eeuw een beperkt en vaak vertekend beeld van Curaçao. Meer dan 95 procent van de berichtgeving ging over scheepvaart en handel, terwijl het dagelijks leven op het eiland en de werkelijkheid van de slavernij grotendeels buiten beeld bleven. Dat concludeert historicus Joop Koopmans in zijn nieuwe boek Schepen, puike tabak en tragiek, waarvoor hij duizenden historische kranten en advertenties uit de periode 1634 tot 1795 onderzocht.
Volgens Koopmans draaide het nieuws over Curaçao vooral om de aankomst en het vertrek van schepen. Van de ruim 11.000 vermeldingen die hij in historische kranten aantrof, had het overgrote deel betrekking op de scheepvaart. Pas wanneer een schip uitzonderlijk lang onderweg was, gekaapt werd of averij opliep, kreeg de lezer iets meer inzicht in de omstandigheden op zee.
Eerste krantenbericht
Het eerste bekende Nederlandse krantenbericht over Curaçao verscheen op 4 november 1634 en meldde de verovering van het eiland door de Nederlanders. In de eeuwen daarna bleef de berichtgeving grotendeels beperkt tot onderwerpen die voor de bestuurlijke en commerciële elite van belang waren. Via advertenties konden lezers wel afleiden welke producten vanaf Curaçao werden verhandeld, zoals tabak, hout en limoenen.
Over de slavernij werd volgens Koopmans slechts mondjesmaat geschreven. Toch trof hij scheepsberichten aan waaruit de omvang en de tragedie van de trans-Atlantische mensenhandel blijken.
Berichten
Zo meldde een krant dat een schip met achthonderd tot slaaf gemaakte Afrikanen op Curaçao aankwam, terwijl driehonderd mensen de overtocht niet hadden overleefd. Ook zag hij berichten waarin de handel in mensen als een gewone economische activiteit werd beschreven, waarbij de stijgende beurskoersen in Amsterdam werden gekoppeld aan de zogenoemde “zwarte handel”.
Een ander opvallend voorbeeld uit het onderzoek betreft de slavenopstand van 1750. Koopmans vond slechts één Nederlands krantenbericht over de opstand en een later bericht waarin uitvoerig verslag werd gedaan van de zware straffen die de opstandelingen kregen opgelegd. Volgens de historicus diende die berichtgeving vooral om duidelijk te maken dat het koloniale gezag de situatie weer onder controle had.
Ramp met oorlogsschip Alphen
In zijn onderzoek stuitte Koopmans ook op uitgebreide verslagen van de explosie van het oorlogsschip Alphen in de haven van Willemstad in 1778. Bij die ramp kwamen ongeveer tweehonderd opvarenden om het leven. De gebeurtenis haalde destijds uitgebreid de Nederlandse pers en leidde tot de publicatie van boeken en prenten.
Volgens Koopmans laat zijn onderzoek zien dat media al in de vroegmoderne tijd een belangrijke rol speelden in de beeldvorming over verre gebieden. Hij merkt op dat veel Nederlanders ook vandaag nog beperkte kennis hebben van Curaçao en bijvoorbeeld denken dat de Nederlandse Antillen nog bestaan. Met zijn boek wil hij daarom niet alleen nieuw licht werpen op de geschiedenis van de berichtgeving, maar ook bijdragen aan een beter begrip van de historische relatie tussen Nederland en Curaçao.



































